Archief

Het Parool: Luxueus complex voor de happy few

Een bijzondere winnaar dit jaar: exclusief en duur wonen. De vierde Amsterdamse Nieuwbouwprijs gaat naar Buitenveldert.

Nee, het is bepaald geen doorsnee van de Amsterdamse woningbouw waar de Amsterdamse Nieuwbouwprijs dit jaar naartoe gaat. Des te opmerkelijker dat de Amsterdammers juist dit project de meeste stemmen hebben gegeven.

Zelf hadden ze ook helemaal niet op deze onderscheiding gerekend, Bart Mispelblom Beyer en Charlotte ten Dijke van Tangram Architecten en directeur Pieter Wassenaar van Hillen & Roosen, de opdrachtgever en bouwer van Crystal Court. “Echt niet,” verzekert Ten Dijke in de Theaterfabriek, waar wethouder Maarten van Poelgeest de prijs uitreikte midden in de woonbeurs De Grote Amsterdamse Housewarming. “Dit is toch een verdacht segment, voor huizenkopers met veel geld.”

Wassenaar is ‘trots als een pauw’: zijn bedrijf heeft immers, na de eerste aflevering in 2007, voor de tweede maal de Amsterdamse Nieuwbouwprijs veroverd. En dat nog wel een jaar na een faillissement en een doorstart. “Dat is een geweldige opsteker voor ons.” De voorgaande drie maal ging de prijs ook naar projecten met koopwoningen, maar dan toch met (voor Amsterdamse begrippen) wat meer gemiddelde prijzen. Vorig jaar riante eengezinswoningen, vier verdiepingen en een groot terras, op IJburg voor zes ton; in 2008 appartementen in de Osdorpse Schutterstorenvoor de helft van die prijs.

Crystal Court, een buitenissige sculptuur naast het winkelcentrum Gelderlandplein met 36 zeer royale appartementen, is bedoeld voor de top van de markt. Een woning van 180 vierkante meter voor 750.000 euro, de 60.000 euro voor de parkeerplaats niet meegerekend, dat idee. Ook de vorm van het complex is bepaald niet alledaags: vier torens met ver uitgeschoven blokkendozen, geheel met hout bekleed, en daartussenin een hoge glazen hal met waterpartijen, groen en fonteinen die doorlopen tot buiten de glazenwanden. Het moest iets bijzonders worden, maar, vertelt architect Mispelblom Beyer:  “Toen we de maquette lieten zien, moest de opdrachtgever wel even slikken.” De klus werd nóg gecompliceerder, toen Hillen & Roosen vorig jaar failliet ging. Vandaar dat het glazen atrium nog steeds niet helemaal is opgeleverd. Maar het bedrijf maakte een doorstart, de woningen zijn wél opgeleverd, en de bewoners zijn dik tevreden; hun rapportcijfer was een 8,2.

Ook de vijf juryleden vonden dat Crystal Court thuishoorde bij de tien genomineerden, al hadden zij hun bedenkingen. Want voor zo veel geld hadden de bewoners wel een geheel voltooid gebouw mogen hebben, meenden zij. Maar de jury noemde het goed dat er in Amsterdam ook voor de happy few die flink wat geld te besteden hebben, zulke bijzondere projecten worden gebouwd: een uniek concept met heel mooie materialen, een blikvanger die toch prachtig in de wijk past. Dat was ook de bedoeling, lichten MispelblomBeyer en Ten Dijke toe. “We wilden duurzaam bouwen in het stedelijk weefsel. En het doorzicht naar het park is door het glazen atrium behouden gebleven.”

Ook in andere opzichten is de Amsterdamse Nieuwbouwprijs dit jaar buitenissig. Niet de wijken met grootscheepse nieuwbouw – IJburg, Nieuw-West – maar een bedaagde buurt als Buitenveldert springt er uit, met twee projecten nog wel. Het veel klassiekere appartementencomplex aan de Kalfjeslaan behaalde de achtste plaats. Ook de jury had dit niet verwacht. De juryleden hadden erop gerekend dat het deelproject VOC Cour van architect Jeroen Schipper op het Westerdokseiland de meeste stemmen zou krijgen; het werd uiteindelijk de derde plaats. Ook het Westerdokseiland prijkt trouwens tweemaal in de top tien; Westerkaapwerdzevende. Als de jury het zelf voor het zeggen had gehad – nu mogen ze ermee voor de dag komen – had Aquamarijn moeten winnen, de laatste van vier woontorens aan de Janvan Zutphenstraat in Osdorp. Na het tellen van de stemmen eindigde dit woongebouw op de vierde plaats.

Dat de stemmers de tweede prijs gaven aan Koningshof Waterwoningen in de Bijlmer, is om een heel andere reden opmerkelijk. Nog niet eerder werd een woonproject in Zuidoost genomineerd voor de Amsterdamse Nieuwbouwprijs en meteen scoort het hoog. Koningshof werd tegelijkertijd met Crystal Court besproken in PS Wonen, onder het motto ‘twee uitersten’. Hier gaat het om een rij met 22 woningen van twee verdiepingen, honderd vierkante meter, met een terras aan het water. Sober en doelmatig uitgevoerd, een fraai ontwerp van architecte Neelu Boparai, waarvoor de gelukkige bewoners 232.000 euro moesten betalen.

De Uitreiking

Embedcode

Het Parool: Wonen met een prachtig uitzicht

Westerkaap, Noord 1 – Fase 2

De laatste twee genomineerden voor de Amsterdamse Nieuwbouwprijs, vierde jaargang. Stemmen kan nog tot donderdag.

Voor de bespreking van deze kandidaat voor de Amsterdamse Nieuwbouwprijs gaan we terug naar het Westerdokseiland. Ditmaal in die gevaarlijk scherpe punt die pal naar het noorden wijst.

“Een heel complexe locatie om te vullen,” beschrijft Wienke Bodewes (58), directeur van Amvest, de ontwikkelaar die samen met woningcorporatie Ymere onder de naam Hofmakerij dit deel van het Westerdokseiland heeft bebouwd. “Je hebt met twee kanten te maken. Het IJ heeft een heel andere dynamiek dan de Westelijke Eilanden. De architect heeft dat heel zorgvuldig opgelost. Het zicht aan beide zijden is optimaal benut.” Die architect is Christine de Ruijter (42), directeur van het Antwerpse AWG Architecten. Zij ontwierp ook voor het Oostelijk Havengebied en IJburg. Lachend: “In Amsterdam heb ik meer gebouwd dan in Antwerpen!”

Ook zij noemt dit een uniek project: “Aan de rand van de binnenstad, met zicht op het IJ. Zo’n plek vind je in de stad niet gauw.” Maar de plattegrond was niet gemakkelijk. “Je moest echt uitdokteren wat mogelijk is op zo’n kavel. Je wilt alle woningen een mooi uitzicht geven.” Daarnaast was het probleem dat er in een grote dichtheid van woningen gebouwd moest worden, en ooknog met een mix van alle woningtypes. In Westerkaap is 30 procent sociale huur, 15procent vrije huur en 55 procent koop.

Belangrijkste doel, zegt De Ruijter: “Dit gebouw moet mooi oud worden. Natuurlijk word je beïnvloed door de mode,maar je wilt toch vooral een zekere tijdloosheid nastreven.” Voor de bewoners staat vast dat de architect in die opdracht is geslaagd; zij gaven een 8,8 als rapportcijfer. Ook de jury vond dit een superproject. “Het uitzicht aan twee kanten is fantastisch,” verzucht Riet de Graaf. “Niets op aan te merken,” besluit William Kobossen.

Zo beleven ook Jan Joost Peskens (62) en Anetty Werther (61) hun woning. Dat mag ook wel, want Werther wilde helemaal niet weg van hun vorige plek, aan de Brouwersgracht. “Daar hebben we dertig jaar gewoond. Het was gewoon meesterlijk daar, een tuintje erbij,” zegt Werther. “We hadden helemaal geen verhuisplannen. Maar ik vind het altijd leuk naar iets nieuws te kijken,” brengt Peskens daar tegenin. “De Brouwersgracht was oud en vergde te veel onderhoud. Dit is levensloopbestendig. Ik had me over de plannen met Westerkaap laten informeren. En toen het in de verkoop kwam, moest er geloot worden.” Werther: “Ik zei: doe maar mee, want we loten toch niet in, met 120 gegadigden. Maar op deze verdieping waren we nummer twee, en nummer één haakte af.”

Zo betrokken zij een appartement van 156 vierkantemeter met een rij ramen aan het IJ en een balkon aan het Westerdok, met uitzicht op het Realeneiland. Zij betaalden 680.000 euro, inclusief een plek in de parkeergarage. “Uiteindelijk heeft Jan Joost wel de goede beslissing genomen,” geeft zijn vrouw toe. “Dit huis is zo mooi licht en heeft veel ruimte. En het is vlak bij onze oude plek… Ik denk nog steeds aan de Brouwersgracht. Maar ik zou niet meer terug willen.”

Aflevering 10: Westerkaap

Embedcode

Het Parool: Open IJnde

Open IJnde

Op het zuidelijkste punt van Steigereiland in IJburg staat een langgerekt woongebouw dat als voorbeeld kan dienen voor het bouwen in de toekomst. Het project is namelijk het resultaat van ‘collectief particulier opdrachtgeverschap’, onthoud die term. Gebruikelijk is dat een ontwikkelaar woningen kant-en-klaar te koop aanbiedt. Maar bij collectief particulier opdrachtgeverschap komt eerst een groep kopers bij elkaar, die samen het huis (laten) ontwerpen en die vervolgens zelf laten bouwen.

“Ik was nog maar net begonnen als architect, toen we hoorden van een prijsvraag voor deze kave,” vertelt Daniël Peters (37). Samen bmet zijn compagnon van Mopet Architectenen vriendenvan NATArchitecten stuurden zij een idee in voor een gebou wmet twintig woningen en collectieve voorzieningen. “Dit is natuurlijk een mooie opdracht, omdat het een kans biedt met vrienden in één blok te wonen, én omdat we toch al een nieuw huis zochten.”

De architecten wilden er alle vier zelf gaan wonen, en in de vriendenkring waren de zestien andere opdrachtgevers zo gevonden. Joep Zijp (52) bijvoorbeeld, die dertig jaar in De Pijp woonde (‘klein, zonder tuin, zonder balkon’) sloot zich graag aan. “Ik heb vroeger in een kraakpand en in een woongroep gezeten, dus ik kende de dynamiek van samen dingen oplossen. Maar het was vooral een waanzinnige mogelijkheid om in Amsterdam een betaalbaar eigen huis te bemachtigen, en nog wel op zo’n mooie plek.”

De woningen (beneden in één laag, boven maisonnettes) zijn allemaal rond de 105 vierkantemeter en kostten casco, zonder erfpacht en zonder garageplek, 217.000 euro. Wie erfpacht afkocht en zijn auto in de garage kwijt wilde, kwam rond de 280.000 eurouit. En daarvoor hebben de bewoners ook nog grote gemeenschappelijke ruimtes beneden en op de eerste verdieping. Een 8,7 gaven zij hun pand, en de vijf juryleden doen daar niets aan af. “Mooie woningen met een heel goede prijs-kwaliteitverhouding,” oordeelt Willemijn van Kempen. “Een leuk initiatief,” vult Joyce du Pont aan.

Zelf opdrachtgever zijn, ook al is het in groepsverband, heeft ook nadelen erkent Zijp: “Alle tegenslagen waar je normaal als koper niets van merkt, krijg je nu zelf voor de kiezen. Het heeft allemaal een jaar langer geduurd.” “We moesten veel ontdekken,” vertelt ook architect Peters. “Daarom hadden we de aannemer er al heel vroeg bij betrokken. Waar de bewoners vooral hun emoties laten spreken, kijkt die heel rationeel.”

Dat heeft hij geweten, verzucht Han Troost (49), directeur van Bontenbal Bouw. “Het vergde veel vergaderen om uiteindelijk een gebouw te krijgen dat aan alle eisen voldoet. Het is ogenschijnlijk eenvoudig, maar de buitenkant is echt een technisch hoogstandje. De vrijdragende balkonsmet glazenbalustrade waren helemaal een uitdaging. Ze zijn ook nog steeds niet af.” Toch is hij blij dat hij dit gecompliceerde bouwwerk heeft neergezet. “We hebben er heel veel van geleerd. Ik denk dat collectief particulier opdrachtgeverschap echt de toekomst heeft.”

Aflevering 9: Open IJnde

Embedcode

Het Parool: Tidore

Tidore

Ook voor Sander Seppen (38), hoofdproductie van de Slokker Bouwgroep, is de Amsterdamse Nieuwbouwprijs een bekend fenomeen; hijwon vorig jaar als bouwer van de rij van 26 woningen aan het Theo van Goghpark op IJburg.

Ditmaal is hij aan de beurt als de aannemer van Tidore, een blok met zeventig woningen in de Indische Buurt, met alweer een mix van sociale huurwoningen en koopwoningen. “Dat maakt voor ons niets uit,” zegt Seppen. “Iedereen wil zorg en aandacht voor zijn woning en netjes en eerlijk behandeld worden. Het gaat erom dat alle bewoners tevreden zijn, kopers én huurders. We zijn geslaagd in de opzet; dit is een schoolvoorbeeld geworden van hoe je iets moois kunt neerzetten met een beperkt budget.”

Want dat was wel een probleem met dit project, vertel Klaas Fongers (61), ontwikkelaar van de woningcorporatie EigenHaard die een groot aantal projecten met nieuwbouw en renovatie uitvoert in dit deel van de Indische Buurt; veelal met Slokker als bouwer. “Het was heel moeilijk dit financieel sluitend te realiseren. Het stadsdeel stelde een aantal randvoorwaarden die het heel lastig maakten. De koopwoningen van tachtigvierkante meter moesten voor minder dan twee ton worden verkocht.”

“De architect, Jeroen Hooyschuur, moest in een krap financieel kader wel zorgen voor een buitenruimte voor elke woning, en een eigen berging, plus een parkeerkelder. Uiteindelijk is er geen ondergronds parkeren gekomen, maar een gelijkvloerse garage binnen het blok met plaats voor 28 auto’s.” Fongers is er ook nog in geslaagd veertien woningen te bestemmen voor de Amsterdamse Middenhypotheek waarvoor de kopers maar 181.500 euro hoefden neer te tellen. Eis was bovendien dat de buitengevel het aanzien van de Amsterdamse School zou krijgen,om aan te sluiten bij bestaande bebouwing in de buurt. Daar is Hooyschuur zonder meer in geslaagd. “Ik was er al twee keer langs gereden,” vertelt jurylid William Kobossen, “zonder dat ik in de gaten had dat dit nieuwbouw was. Zo mooi is de gevelwand ingepast.”

De jury is goed te spreken over dit project. “De locatie is prima,” vindt JoyceduPont, “en dat geldt helemaal voor de prijs-kwaliteitverhouding.” Sylvie vanden Born (42) mocht in Tidore een sociale huurwoning betrekken, waarvoor ze 640 euro per maand betaalt, inclusief servicekosten. “Het is veel geld,maar het is het helemaal waard,” zegt ze. “De ruimte is prettig, het is een rustige, heldere woning. Ik hoor nu ook de vogeltjes.” Zij woonde hiervoor twaalf jaar aan de spoordijk in de Dapperbuurt en wilde juist vanwege het permanente lawaai daar weg. “Maar ik wilde wel graag in Oost blijven.”

Bijzonder is ook dat de twee lange uiteinden van het blok een dakterras hebben dat voor alle bewoners toegankelijk is vanaf de gemeenschappelijke binnenplaats op het dak van de garage. Nu is die nog wat kaal, maar de plannen voor plantenpotten en bankjes zijn er. De bewoners zijn nu al zo tevreden dat zij een 8,3 als cijfer gaven.

Aflevering 8: Tidore

Embedcode

Het Parool: Ingepast in de oude bebouwing

Anna Rooze

De stembus is nog steeds open voor de Amsterdamse Nieuwbouwprijs, vierde jaargang. Opnieuw twee wooncomplexen die meedingen naar de prijs.

Voor het architectenbureau Geusebroek Stefanova is het langzamerhand routine. Al voor de vierdekeer is een project vandit paar genomineerd voor de Amsterdamse Nieuwbouwprijs. Sterker nog – de eerste keer, in 2007, wonnen zij met het woongebouw De Monnik, midden op de Wallen.

Dat is ook hun specialiteit: nieuwbouw neerzetten tussen bestaande oude bebouwing zonder dat die uit de toon valt. Ditmaal betreft het een blok met 25 woningen in de Kanaalstraat in Oud-West. Svetla Stefanova (40) legt uit: “We kijken heel goed naar de karakteristieken van de omgeving, en geven die een eigentijdse interpretatie. We willen het negentiende-eeuwse gevelbeeld voortzetten, dat karakter juist versterken, en toch modern wooncomfort bieden.”

Het blok is neergezet in het kader van een omvangrijke opknapbeurt in Oud-West door woningcorporatie de Alliantie, vertelt algemeen directeur Anne Wilbers (48).“Waar mogelijk hebben we gerenoveerd, maar dit blok was in zo slechte staat, dat opknappen niet te doen was. Dat is ook in één avond beklonken met de bewoners, die konden terugkeren als ze dat wilden.” Wilbers is zeer tevreden met het resultaat: “Het voegt wat toe aan de buurt, het heeft eenzeer hoge kwaliteit en is geen dertien in een dozijn geworden.” Zij heeft zelfs voor een dure variant gekozen: in plaats van één lift eneen galerij voor de bovenwoningen, zijn er drie toegangen met liften. “Daardoor heeft iedereen zijn privéruimte buiten aan de achterzijde.” Stefanova herinnert zich nog dat het spannend was toen de Alliantie die keuze moest maken.”

Maar ook de bestemming van deze woningen is bijzonder. Het zijn allemaal huurwoningen, maar de hoogte van de huur hangt af van het inkomen van de huurder – ook als die hoger is dan de sociale huurnorm. Om er te wonen, moesten de gegadigden bovendien een sociale huurwoning achterlaten. Zo biedt een project als Anna Rooze een uitkomst voor al die ‘scheefhuurders’ die eigenlijk met een te hoog inkomen een sociale huurwoning bezet houden,maar in de stad geen betaalbaar alternatief kunnen vinden.

Zoals Lara van der Krift (37) en Mark van der Vecht (39). Zij zaten met twee kinderen in een piepkleine sociale huurwoning in Oud- Zuid, 55 vierkantemeter. “Geld om een woning te kopen, hadden we niet,” zegt Van der Krift. “En huren in de vrije sector was ook niet te betalen.” “Toen vonden we dit, precies iets voor ons. We bleken aan de eisen te voldoen: een sociale huurwoning achterlaten en een niet te hoog inkomen.” Nu hebben ze 108 vierkante meter en betalen ze 1090 euro per maand, inclusief servicekosten én een plek in de parkeergarage – want die zit er ook nog onder.

De bewoners gaven hun complex een 8,6 en dat vindt de jury volkomen terecht. “De ruime woningen zijn schitterend in de straat geïntegreerd,” aldus Stef Hehemann. En Willemijn van Kempen: “De gemeenschappelijke achtertuin is ideaal voor kinderen.”

Aflevering 7: Anna Rooze

Embedcode

Ontwikkelingsbedrijf Gemeente Amsterdam Parool Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties Bouwend Amsterdam AT5